Geïsoleerde ulnaschachtfractuur

>Traumachirurgie >Geïsoleerde ulnaschachtfractuurAuteur: J. Sprakel, MD - Laatste update: 30-03-2017
Naar boven

Operatieverslag Geïsoleerde ulnaschachtfractuur

Indicatie: Geïsoleerde ulnaschacht fractuur rechts (AO 22-B1.2) bij ..-jarige man/vrouw

Verslag: Time Out Procedure. Antibiotica profylaxe Kefzol 1000mg iv . Patient in rugligging met rechter arm op armtafel. Algehele narcose. Huiddessinfectie middels Chloorhexidine 0,5% in alcohol 70% met Magenta. Afdekken van rechter arm. De onderarm wordt verticaal gehouden door de assistent. Huidincisie van circa 6cm ter plaatse van de fractuur op de lijn van het processus styloideus ulna en olecranon. Diathermische dissectie tussen m. flexor carpi ulnaris en de m. extensor carpi ulnaris. De dorsale tak van n. ulnaris wordt niet gezien. Er is sprake van een ulnaschachtfractuur rechts met meerdere kleine wedgefragmenten. Schoonmaken van fractuuruiteinden met tandartshaakje. Reponeren van fractuur met Spaanse klemmen. Plaatsen van 7-gats Locking Compression Plate (LCP) Reconstruction Plate, 98mm. Plaatsen van 2x corticalisschroef (2x20mm, Stardrive) in Dynamic Compression Unit (DCU), waardoor er bij het aandraaien van beide schroeven compressie over de fractuur komt. In de rest van de gaten van de plaat worden hoekstabiele schroeven (4x20mm, Stardrive) geplaatst. Testen van DRU: stabiel. Röntgenopnames tonen een goede stand en goede ligging van het osteosynthese materiaal. Spoelen met NaCl 0,9%. Subcutaan sluiten met Vicryl 2.0. Intracutaan Monocryl 3.0. Steristrips. Hierna aanleggen van een drukverband. Sign out procedure. 10cc bloedverlies.

Post-operatieve conclusie: ORIF ulna schachtfractuur rechts, AO 22-B1.2 middels 7-gats Locking Compression Plate (LCP) Reconstruction Plate

Post-operatieve instructies:
- 24 uur drukverband of 2 weken gips voor wondgenezing
- Oefenstabiel
- 2 weken onbelast, hierna opbouwen belastbaarheid met fysiohtherapeut
- 14 dagen policontrole

Implantaat:
- 3.5mm Locking Compression Plate (LCP) Reconstruction Plate
- 7-gats
- Lengte: 98mm
- Merk: Synthes Depuy
Naar boven

Complicaties

  • - Pijn
  • - Beperkingen in Range of Motion (2-35%)1-7
  • - Delayed union (21.6%)
  • - Malunion (angulatie van >10o aan einde van follow-up) (5,4%)8
  • - Nonunion (5.4%)
  • - Secundaire dislocatie (2.7%)
  • - Materiaalfalen (8.1%)
  • - Wondinfectie(5.4%)
  • - Uitbreken osteosynthesemateriaal (5.4%)
  • - Voelen van / verwijderen osteosynthesemateriaal (24.3%)
  • Zeldzaam:
  • - DVT
  • - Zenuwletsel
  • - Refractuur
  • - Radio-ulnaire synostose 9
  • - Heterotope ossificaties
  • - CRPS
  • - Compartiment syndroom
Naar boven

Referenties

  • 1. Marlon O. Coulibaly, Clifford B. Jones, Debra L. Sietsema, Thomas A. Schildhauer Results of 70 consecutive ulnar nightstick fractures Injury, Int. J. Care Injured 46 (2015) 1359–1366
  • 2. Hooper G. Isolated fractures of the shaft of the ulna. Injury 1974;6:180–4.
  • 3. Goel SC, Raj KB, Srivastava TP. Isolated fractures of the ulnar shaft. Injury 1991;22:212–4.
  • 4. Anderson LD, Sisk D, Tooms RE, Park III WI. Compression-plate fixation in acute diaphyseal fractures of the radius and ulna. J Bone Joint Surg Am 1975;57:287–97.
  • 5. Boussouga M, Bousselmame N, Lazrek K, Taobane H. Surgical management of isolated fractures of the ulnar shaft. Acta Orthop Belg 2002;68:343–7.
  • 6. Leung F, Chow SP. A prospective, randomized trial comparing the limited contact dynamic compression plate with the point contact fixator for forearm fractures. J Bone Joint Surg Am 2003;85-A:2343–8.
  • 7. Chapman MW, Gordon JE, Zissimos AG. Compression-plate fixation of acute fractures of the diaphyses of the radius and ulna. J Bone Joint Surg Am 1989;71:159–69
  • 8. Grace TG, Eversmann Jr WW. Forearm fractures: treatment by rigid fixation with early motion. J Bone Joint Surg Am 1980;62:433–8.
  • 8. Tarr RR, Garfinkel AI, Sarmiento A. The effects of angular and rotational deformities of both bones of the forearm. An in vitro study. J Bone Joint Surg Am 1984;66:65–70.
  • 9. Watson FM Jr, Eaton RG (1978) Post-traumatic radio-ulnar synostosis. J Trauma 18:467-468