Schildkliercarcinoom

>Abdominale / Oncologische chirurgie >SchildkliercarcinoomAuteur: J. Sprakel, MD - Laatste update: 25-04-2018
Naar boven

Algemeen

  • Het betreft hier de richtlijn over het goed gedifferentieerd schildkliercarcinoom.
  •  
  • Goed gedifferentieerd schildkliercarcinoom (folliculair epitheel) (80-85%):
  • - Papillair carcinoom
  • - Folliculair carcinoom / Hürthle cel carcinoom
  •  
  • - Verhouding papillair : folliculair van 4:1
  • - Incidentie: man 2/100.000 per jaar - vrouw 4,5/100.000 per jaar
  •  
  •  
  • Ongedifferentieerd schildkliercarcinoom (15-20%):
  • - Medullair carcinoom - C-cellen (5-10%)
  • - Anaplastisch/ongedifferentieerd carcinoom (6%)
Naar boven

Kliniek

  • Kenmerken die meer voorkomen bij maligniteit:
  • - Nieuwe nodus of een die duidelijk toeneemt in grootte
  • - Nodus bij een positieve familie-anamnese voor schildkliercarcinoom
  • - Nodus bij patienten met bestraling van de hals in de voorgeschiedenis met name op jeugdige leeftijd
  • - Nodus bij patienten <20 of >60 jaar en speciaal bij mannen
  • - Onverklaarde heesheid en verandering van stem geassocieerd met een struma
  • - Cervicale lymfadenopathie (met name diep cervicaal of supraclaviculair)
  • - Stridor (laat symptoom)
  • Lichamelijk onderzoek:
  • - Afwijking meestal >1,5cm
  • - Enkelvoudig of multinodulair struma
  • - Fixatie van solide nodus aan de omgeving
  • - Pathologische lymfeklieren
Naar boven

Diagnostiek

  • Laboratorium onderzoek
  • - TSH-bepaling (afwijkend --> verwijzing internist-endocrinoloog)
  •  
  • Echo hals + US-FNAC
  • - Echogeleide Fine Needle Aspiration Cytology (US-FNAC) (in 8-20% van de gevallen onvoldoende materiaal) 1-4
  • - Bij onvoldoende materiaal herhaal echogeleide FNAC (in 3-4% van de gevallen onvoldoende materiaal) 2,3,5
  •  
  • Immuuncytochemie
  • - Over het algemeen geen indicatie
  • - Bij DD schildkliercarcinoom of lymfoom (LCA, thyreoglobuline en TTF1)
  • - Aantonen/uitsluiten medullair schildkliercarcinoom (clacitonine, CEA, thyreoiglobuline)
  •  
  • Histologisch naaldbiopt:
  • - Over algemeen geen aanvullende waarde boven cytologie
  • - Alleen bij sterke verdenking op anaplastisch carcinoom
  •  
  • Incidentaloom schildklier (niet palpabele nodus)
  • - Bij echografie: Geen routinematige diagnostiek
    - Bij CT of MRI: Geen routinematige diagnostiek
    - Bij FDG-PET(/CT): FNAC bij verhoogd TSH
    - Redenen om wel diagnostiek te verrichten: 1. Ongerustheid bij patient
    2. Combinatie van beeldvormende parameters die voor de onderzoeker reden zijn om voor nadere diagnostiek te kiezen
Naar boven

Bethesda classificatie

Bethesda classificatie voor schildklier cytologie 6-7

Bethesda Categorie Beschrijving Kans op maligniteit Management suggesties
1 Niet-diagnostisch - Cyste-inhoud
- Acellulair preparaat
- Overig (klontering, bloed; tevens < 6 groepen van 10 duidelijke folliculaire cellen, gedegenereerde, slecht kleurende folliculaire cellen)
1-4% Herhalen FNAC met echografie
2 Benigne - Benigne folliculaire nodus (adenomatoid, hyperplastisch, colloid, etc)
- Lymfocytaire (Hashimoto) thryreoiditis
- Granulomateuze (subacute) thryreoiditis
0-3% Klinische follow-up
3 AUS-FLUS - Atypie of folliculaire laesie van onzekere betekenis 5-15% Herhalen FNAC met echografie
4 Folliculaire neoplasie - Verdacht voor folliculaire neoplasie
- Specificeer bij Hürthle cel (oncocytair) type
15-30% Diagnostische hemithyreoidectomie
5 Verdacht voor maligniteit Verdacht voor:
- papillair schildkliercarcinoom
- medullair schildkliercarcinoom
- metastase
- maligne lymfoom
60-75% Diagnostische hemi- / Totale thyreoidectomie
6 Maligne - Papillair schildkliercarcinoom
- Slecht gedifferentieerd schildkliercarcinoom
- Medullair schildkliercarcinoom
- Ongedifferentieerd (anaplastisch) schildkliercarcinoom
- Plaveiselcelcarcinoom
- Metastase
- Non-Hodgkin lymfoom
97-99% Totale thyreoidectomie
Naar boven

TIRADS

TI-RADS (Thyroid Imaging Reporting and Data System-classification) classificatie wordt gebruikt in radiologische verslaglegging 8-9

TI-RADS Beschrijving Advies Kans op maligniteit
0 Onvolledig onderzoek Nieuwe beeldvorming of vergelijking met voorgaand onderzoek noodzakelijk.
1 Normaal schildklierweefsel Geen afwijkingen aantoonbaar
2 Benigne laesie Er wordt een benigne afwijking gezien
3 Waarschijnlijk benigne laesie Waarschijnlijk benigne laesie. Aanvullende punctie of een controle na 6 maanden. <5%
4A Mild verdacht Waarschijnlijk maligne laesie. Aanvullende punctie moet verricht worden. 5% - 10%
4B Matig verdacht Waarschijnlijk maligne laesie. Aanvullende punctie moet verricht worden. 10% - 80%
4C Ernstig verdacht Waarschijnlijk maligne laesie. Aanvullende punctie moet verricht worden. 10% - 80%
5 Waarschijnlijk maligne laesie Zeer verdacht voor maligniteit. Aanvullende punctie moet verricht worden. >80%
6 Biopsie bewezen maligniteit Bijv. bij beeldvorming ter beoordeling effect neoadjuvante therapie. 100%
Naar boven

TNM-classificatie & pTNM classificatie

TNM classificatie voor papillair en folliculair schildkliercarcinoom
T - primaire tumor N - Regionale lymfeklieren M - Afstandsmetastasen
Tx Primaire tumor kan niet worden geidentificeerd Nx Regionale lymfeklieren kunnen niet worden geidentificeerd
T0 Geen aanwijzingen voor een primaire tumor N0 Geen aanwijzingen voor regionale lymfekliermetastasen M0 Geen afstandsmetastasen
T1a Tumor <1cm, gelimiteerd tot de schildklier N1a Lymfekliermetastase in level VI (pre- en paratracheaal, inclusief prelaryngeaal en Delphian lymfeklieren M1 Afstandsmetastasen
T1b Tumor >1cm en <2cm, gelimiteerd tot de schildklier N1b Lymfekliermetastasen in andere unilaterale, bilaterale of contralaterale cervicale of bovenste medistainale lymfeklieren
T2 Tumor >2cm en <4cm, gelimiteerd tot de schildklier
T3 Tumor >4cm, gelimiteerd tot de schildklier of met minimale uitbreiding extra-thyroidaal (e.g. uitbreiding in sternothyroidale spier of perithyroidale weke delen)
T4a Tumor groeit buiten schildklier en groeit in één van de volgende structuren: subcutane weke delen, larynx, trachea, oesophagus, n. laryngeus recurrens (tak van n. vagus)
T4b Tumor groeit in pre-vertebrale fascie, mediastinale vaten of omhult de carotis
 
Alle anaplastische carcinomen zijn T4 tumoren
T4a Tumor van elke grootte, gelimiteerd tot de schildklier
T4b Tumor van elke grootte, met groei buiten de schildklier
Naar boven

Behandeling

  • (Diagnostische) Hemithyreodectomie:
  • - Bethesda 4 & 5
  • - Papillair schildkliercarcinoom <1 cm zonder aanwijzingen op lymfekliermetastasen
  •  
  • Totale thyreodectomie gevolgd door 131I:
  • - Bethesda 5 & 6
  • - Niet radicale resectie na hemithreodectomie
  • - Multifocaal papillair carcinoom in het hemithyreoidectomie preparaat
  • - Patienten met verhoogde kans op schildkliermaligniteit in contralaterale schildklierkwab
  • - Minimaal invasief folliculair carcinoom (MIFC)
Naar boven

Referenties